Interview

Het is maandag, ik sta net op de crosstrainer als mijn telefoon afgaat. De beller heeft geluk, mijn hartslag is nog laag genoeg om iemand te woord te staan. De dame aan de andere kant van de lijn stelt zich voor als een collega. Haar naam zegt me niet meteen iets, maar dat is op zich niet vreemd. Bij het stadsbestuur heb ik honderden collega’s waarvan ik de meeste nog nooit heb gezien en zij mij ook niet. Slechts één keer per jaar is er een gelegenheid al die mensen te ontmoeten: de nieuwjaarsreceptie voor het stadspersoneel.

Aan nieuwkomers vertel ik er altijd bij dat dat een wat slome naam is voor een hippe fuif in de coolste partyzaal van de stad, dat op die avond al die gezichtloze e-mail-handtekeningen en telefoonstemmen in echte mensen veranderen waarmee je kan praten, onnozel doen en elkaars glas aantikken, dat om het even wie, of ze nu boven of onder jou staan op het organigram, op de nieuwjaarsreceptie naast jou staan, zelfs op de dansvloer -als het klikt- en als het niet klikt is er volk genoeg om hen te ontlopen. Wat ik er niet bij vertel aan die nieuwkomers is dat ze er best voor zorgen dat ze geen zaterdagshift hebben de dag erna. Mijn ervaring leert me dat het toasten en dansen van de avond ervoor een nefaste invloed heeft op mijn zaterdagprestatie, met grote kans op misselijkheid als mijn bureaustoel een onverwachtse draaibeweging maakt. Het is in het belang van de dienstverlening dat ik dat aan anderen overlaat.

Ik sta dus nog steeds op mijn crosstrainer als de telefooncollega me meldt dat de nieuwjaarsreceptie helaas opnieuw is afgelast omdat dansen op anderhalve meter afstand niet zo gezellig is. Dat begrijp ik volledig. Ze vertelt me dat er in vervanging een live radioshow komt met een vliegende reporter, niemand minder dan Luk Alloo, die interviews zal afnemen van werknemers die naast hun job iets interessants doen. In gedachten laat ik mijn naaste collega’s de revue passeren, op zoek naar de meest interessante. Maar dan -out of the blue- vraagt de stem of ik wil praten met de heer Alloo over mijn blog waar ze blijkbaar weet van heeft!

Er valt een stilte. Ik heb even tijd nodig om in mijn hoofd een omwenteling van 180 graden te laten gebeuren, zoals je op een smartphone het selfie-knopje indrukt en je plots zelf in beeld komt. Ik picture mezelf tegenover Luk Alloo die mij de mond snoert met het moesje van een gigantische micro en daarbij zo dicht komt dat ik zijn gezicht niet meer kan scherpstellen. Hoewel ik al lang niet meer aan het trappen ben op de crosstrainer, maar gewoon op de rand van mijn bed zit, krijg ik het ineens ongemakkelijk warm en voel ik zweetdruppels op mijn bovenlip opwellen.
De overkant wacht op mijn reactie.
‘Dat is toch niet met een camera, dat interview?’ vraag ik, gewoon om wat tijd te winnen.
Terwijl ze daarop antwoordt, speelt er zich in mijn hoofd een heftige discussie af tussen de introverte schrijver in mij, die liever schrijft dan praat en die extraverte die schrijft om gelezen te worden. De laatste port de eerste aan: ‘Dit is buiten jouw comfortzone, dat klopt, maar hoe wil je anders ooit in één keer zo’n groot publiek bereiken, met een megafoon op een dak gaan staan?’
‘Oké, ik zal dat met veel plezier doen!’ antwoord ik zo luchtig mogelijk, terwijl ik ondertussen mijn ogen dichtknijp alsof ik net over de rand van een afgrond ben gesprongen voor mijn eerste bungy jump.

De dag erna ontvang ik een mail van een andere onbekende collega met alle praktische afspraken voor het interview: het gesprek zal plaatsvinden nu vrijdag om 13u35 en Luk zelf mag ik iets vroeger verwachten om kort de vragen te overlopen.

Zoals verwacht volgen er een paar woelige nachten. Ik droom over Luk Alloo die mij brutale vragen stelt terwijl ik geboeid in een politiecombi zit. Ik ben opgelucht dat het eindelijk vrijdag is. In de voormiddag is er een personeelsvergadering, waardoor ik mijn gedachten niet kan laten afdwalen naar mijn naderende ontmoeting. Ik heb ook bewust tegen bijna niemand op het werk verteld over het interview waardoor de kans klein is dat iemand mij onverwacht eraan herinnert. De enige die me eraan herinnert is mijn buik, tegen de middag begint die raar te doen en het is niet van de honger, want eetlust heb ik niet. Het is al twintig voor twaalf, nog een klein uurtje en ik sta oog in oog met Alloo. Moet ik hem iets aanbieden om te drinken? Waar laat ik het gesprek doorgaan? Ik begin te ijsberen. De aanwezige collega’s kijken me vreemd aan en vragen wat er aan de hand is met mij. Ik beken alles en speel meteen open kaart: ik ben bloednerveus!

Nadat ik hen heel het relaas heb gedaan over wat en hoe, is het al 12u45. Iemand biedt me een kop koffie aan, wat ik uiteraard weiger, meer cafeïne lijkt me niet ideaal in mijn geval. 12u50. Een collega probeert me af te leiden door een gesprek te voeren over koetjes en kalfjes, maar het laatste kalfje blijkt algauw Luk Alloo te heten. Ik haak af en kijk hoe laat het is. 12u55. Luk kan hier nu elk moment staan. Ik heb nog nooit op mijn nagels gebeten, maar de verleiding is groot, ik ga op mijn handen zitten. 13u00. Ineens rinkelt mijn vast telefoontoestel. Ik schrik op van het ding dat gewoon doet wat het hoort te doen. Ik haal mijn handen weer boven, duw op ‘gesprek negeren’ en log mijn toestel uit. 13u05. Ik begin wat rond te huppelen en loop voorbij de nieuwjaarspakketten met schuimwijn die voor alle personeelsleden klaarstaan. Een collega stelt me voor een paar slokken cava te nemen om te kalmeren. Ik vind het een subliem idee, het verdovend effect van alcohol dat is mijn redding! Maar een fles open prutsen met trillende vingers zal nu niet lukken vrees ik en de collega met het schitterende voorstel maakt geen aanstalten me te helpen, waarschijnlijk heeft hij schrik gekregen dat ik in mijn toestand wel eens zou kunnen overdrijven. 13u10. Een cursist komt aan de balie een formulier afgeven, wat me eraan herinnert dat ik eigenlijk aan het werk ben. Ik neem het document in ontvangst en ga weer achter mijn pc zitten. Op een leeg document typ ik ‘even gesloten’, print het blad uit en hang het op aan de balie. Ik neem een half uur acuut ziekteverlof op. De klok in het hoekje op mijn pc staat ondertussen op 13u15. Als hij nu niet komt, is er geen voorbereiding meer mogelijk! Gelukkig heb ik zelf mijn voorzorgen genomen, ik overloop nog eens mijn blad met mogelijke vragen die ik heb verzonnen en bijhorende antwoorden. 13u20. Een collega zet in afwachting de live radio op waar ik bewust niet naar wilde luisteren. Vanop mijn bureau hoor ik toch Luk zijn stem, hij vraagt overenthousiast: ‘Ik wil alles weten over uw privéleven!’ Ik spring op en roep: ‘Zie je wel! Meteen al een vraag die ik niet heb voorbereid!’ waarop de collega de radio weer afzet. 13u25. Ik begin te twijfelen of ik het verkeerd heb begrepen, misschien moest ik zelf ergens naar een radiostudio voor het interview? Misschien zijn ze me al een kwartier aan het bellen, maar kunnen ze me niet meer bereiken omdat ik mijn telefoon heb uitgelogd? 13u30. Een collega kan het niet meer aanzien en zegt dat hij gauw eens naar de parking zal lopen om te zien of ze al in aantocht zijn. 13u31. Dezelfde collega komt opnieuw binnengelopen, hij knipoogt en steekt zijn duim in de lucht om me gerust te stellen dat ze er zijn. Een kramp schiet door mijn darmen, en alsof ik daar nog tijd voor heb, beleef ik een flashback: Ik ben zes jaar, het is ergens begin december. Ik loop al de hele dag met buikkrampen omdat me werd gezegd dat de Sint op bezoek komt, de kindervriend van wie ik heel mijn kindertijd doodsbang ben geweest. Dat hij ‘s nachts cadeautjes kwam brengen terwijl ik sliep, daar kon ik nog mee leven, dat was als een operatie onder narcose, als je wakker werd was alles voorbij. Maar dat hij een paar dagen voordien zo nodig op bezoek moest komen en ik, godbetert, op zijn schoot moest zitten, was elk jaar een geseling. Ik heb menige foto’s van mezelf naast de goedheilige man waarop mijn ogen van het huilen even rood staan als zijn mijter, waardoor het lijkt alsof de Sint me net heeft verteld dat zijn paard per vergissing mijn hamster heeft opgegeten in plaats van de wortel.

Terwijl ik dat allemaal aan het bedenken ben – ik kan het bijna niet geloven- nog steeds geen Alloo te bespeuren! Enkel twee begeleiders die als twee Zwarte Pieten het groot bezoek komen aankondigen. Ik loop hen tegemoet naar de inkomhal en werp nog een snelle blik op de wandklok. 13u33. Over twee minuten wordt het interview live uitgezonden. Eén van de mannen heeft een kleine camera vast, de andere breekt het ijs met een eerste vraag: ‘Zie je het een beetje zitten? Niet te nerveus?’
Het duo mag de afstandsmaatregelen en dat cameraatje dankbaar zijn, anders was ik hen bij wijze van antwoord naar de nek gevlogen, want ondertussen zijn mijn zenuwen uit ongeduld, onmacht en onzekerheid omgeslagen in kregeligheid en frustratie… Maar wat een gelukkig toeval. Blijkt dat nu de perfecte mindset te zijn om weerwerk te bieden aan de grote meneer Luk, die een paar seconden later binnenvliegt, mij een vuistje geeft en zonder enige voorbereiding zijn vragen op me afvuurt.

Ik antwoord op alles, gedwee en naar het schijnt nogal cool, volgens Luk. Ik verontschuldig me, nu de stress van mij is afgevallen moet ik in een soort van pre-comateuze toestand zijn beland, en ik ben ook afgeleid door zijn ogen, compleet het tegenovergestelde van wat ik had verwacht, een warme blik die me op miraculeuze wijze op mijn gemak stelt. Maar voor ik dat allemaal besef, is het interview afgelopen en Luk alweer weg…

Op terugweg naar mijn bureau vraagt iemand van de cursisten mij waarom Luk Alloo hier was? Ik wil antwoorden, maar blijf halfweg mijn zin haperen…  Ik ben verdorie het belangrijkste vergeten! Het enige wat ik moest zeggen, de reden waarom ik deze kwelling heb doorstaan: de kans op een paar nieuwe lezers, een paar extra volgers! Maar hoe stom van mij om dan niet eens het adres of zelfs niet de naam van mijn blog te vermelden…  Opnieuw een discussie in mijn hoofd: De extraverte schrijver staat te stampvoeten en eist dat ik nu onmiddellijk met een megafoon op het dak ga staan om dit goed te maken. Maar het is de introverte die het pleit wint deze keer en zodra ik thuiskom, begin ik aan deze blog. Dat is nu eenmaal mijn manier om dit voorval te verwerken.

En wie weet, zijn er toch onbekende collega’s die deze blog per toeval lezen. Het zou mooi zijn, tijdens het lezen cirkelen mijn woorden dan even door hun hoofden, dat is bijna net alsof we even met mekaar in verbinding staan, bijna net alsof we mekaars glas aantikken op een nieuwjaarsreceptie.

Santé!

10 gedachten over “Interview”

  1. Goeiemorgen iris, top dat je meedeed met de radio! Natuurlijk zijn er lezers bij de collega’s. En wees gerust: de andere collega’s zullen de blog ook snel genoeg ontdekken 😀. #fan 😉

    Geliked door 1 persoon

  2. Hey ze hebben je wat aangedaan e zolang moeten wachten, je zou voor meer je nagels opeten . Maar wel weer super mooi geschreven, ik wacht met ongeduld op je 1 te boek ,grtj opi

    Geliked door 1 persoon

  3. Hoi Iris
    Omdat ik buiten werk, luisterde ik tijdens de lunch en hoorde enkel jouw interview en you made my day! Ik leerde een toffe collega kennen met wie ik wat gemeenschappelijk heb; fuiven, Are you gonna go my way van Lenny Kravitz en een vakantieblog (siemisabel.wordpress.com). Ik googelde onmiddellijk je naam en nu ben ik een trouwe volger van je blog! Spannend relaas schreef je!

    Geliked door 1 persoon

  4. Weinigen zouden zo openlijk over hun gevoelens kunnen/durven schrijven zoals jij dat doet! Chapeau hiervoor… voor velen heel herkenbaar en bevrijdend!

    Geliked door 1 persoon

  5. Kennelijk zorgt zo’n adrenalinestoot voor extra inspiratie. Meer interviews geven is zeker de aangewezen boodschap! 👌

    Geliked door 1 persoon

  6. hahaha .. zo herkenbaar helemaal jij .. herinner me vaak de onzekerheid net voor je op podium ging zingen destijds.. de twijfel en veel zin om rechtsomkeer te maken om dan na één nummer de pannen van t dak te zingen en iedereen te verbazen … zou je terug moeten doen …..zingen !!!!!! 🙂

    Geliked door 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s